Tweedeling

8 maart 2021

Wie naar het staatje winnaars en verliezers kijkt op de AEX de afgelopen week ziet een tweedeling. Winnaars zijn ING +10,2%, Royal Dutch Shell +7,3% en Heineken +6,7%

Daar staan verliezers tegenover zoals ASMI –9,6%, ASML –7,9% en Just Eat Takeaway –7,2%. De absolute winnaars van de afgelopen maanden moesten duidelijk terug en de verliezers van 2020 zijn gevraagd. Het is natuurlijk niet een Nederlands fenomeen. De Dow Jones Industrial Average, waarin opgenomen economisch gevoelige aandelen, steeg 1,8%.

De Nasdaq Composite, vooral bestaande uit groeiaandelen, daalde met 2,1%. Voor de volledigheid, de S&P 500 die breder is samengesteld steeg met 0,8%. Aandelen die door een aantal analisten zijn afgeschreven, zoals de energiewaarden (zie FT4VS-2021) en banken staan op het hoogste niveau van de afgelopen 52 weken. Zoals vorige week al gesteld behoeft een forse correctie in de meest populaire aandelen van 2020 niet automatisch te leiden tot een totale marktcorrectie. Integendeel lijkt het. Het veelgehoorde “Tech is Wreck” (afkomstig van de internetbubbel in 2000) lijkt eerder tot vluchtgedrag te leiden naar financiële instellingen. Daar zit een zekere logica in. De toezichthouders verboden een jaar geleden de instellingen om geld uit te keren en hun reserves op te bouwen. De economie kromp weliswaar maar dit leidde niet tot grote faillissementen. De angst hiervoor lijkt onterecht te zijn. Dat zien we terug in de obligatiemarkten. Weliswaar stijgt de rente relatief fors maar is nog altijd laag. Belangrijker is de ontwikkeling van de spread tussen de zogenoemde junkbonds (obligaties waarbij de terugbetaling ter discussie staat) en de staatsleningen. Deze is nauwelijks opgelopen. Dat is onder andere terug te zien aan de ETF voor high yield bonds. Deze staat nog altijd hoger dan afgelopen zomer. De financiële instellingen hebben derhalve hogere reserves dan wellicht nodig is. Zij willen dat graag uitkeren aan de aandeelhouders. Immers op dit moment moeten ze geld betalen op hun liquiditeiten die zij aanhouden bij de centrale banken. En dat is voor de winstgevendheid geen voordeel. Om diezelfde reden maken we ons niet veel zorgen over de correctie van de techaandelen. Het overgrote deel heeft forse cashoverschotten. Men zou kunnen stellen dat juist zij profiteren van de hogere rente. Een correctie zat er altijd aan te komen al valt nimmer aan te geven vanaf welk niveau. De eindconclusie is dat geld in de aandelenmarkten blijft en dat deelcorrecties geen probleem in het algemeen vormen.