Kansen voor 60/40

24 oktober 2022

Met de recente rentestijging in de Verenigde Staten zijn obligaties nog verder in waarde gedaald. Daarmee hebben de traditionele 60/40 portefeuilles de slechtste performance gegeven in een eeuw.

Volgens Bank of America heeft een portefeuille met 60% in aandelen en 40% in obligaties een rendement negatief rendement gegeven van 34,4%. Dat voor Amerikaanse beleggers. In Europa is de situatie niet veel beter. Afhankelijk van de aanbieder en profiel zijn portefeuilles gemiddeld 20% gedaald. Het grootste probleem is zoals bekend de 40% in obligaties. De JP Morgan Europese staatsleningen index is 20% gedaald. Daarmee valt de daling van de StoXX600 met 18% relatief mee. Enig lichtpuntje is dat het de komende jaren niet veel slechter kan.

Dat vooral gebaseerd op basis van herbalancering. Omdat obligaties zo sterk in koers zijn gedaald moeten de beheerders obligaties bijkopen. En dat kan op betere voorwaarden dan een jaar geleden. Kocht men begin van het jaar dat op een negatief rendement van 0,1%, nu is dat 2,5% hoger op 2,4%. Het valt moeilijk voor te stellen (hoewel niets moet worden uitgesloten) dat de rente komend jaar 2,5% verder zal gaan stijgen.  Strikt genomen zou de rente naar 6% moeten stijgen om eenzelfde koersverlies op obligaties te krijgen. Gezien de hoge spaargeldtegoeden zal er wellicht een deel van dit geld worden belegd in obligaties. Dat zal een verdere stijging in toom houden. Ook voor aandelen lijkt een slecht jaar in 2023 niet logisch. Aandelen zijn gedaald door de angst voor hogere rente. Als we echter kijken naar de kwartaalcijfers dan lijkt het tot op heden het niet zo slecht als veel analisten vrezen. Wellicht zal dat ook de komende week blijken. In de Verenigde Staten komen met name de grote technologiefondsen met hun resultaten. Hoe snel het sentiment kan omslaan in de aandelen zagen we de afgelopen week. De Amerikaanse indices stegen gemiddeld met 5%. Dat kwam door de betere cijfers van Amerikaanse banken. Deze bedrijfstak zit in het zenuwstelsel van de economische activiteit en de meeste constateerden dat consumenten niet de figuurlijke hand op de knip hielden. Logisch want de meeste hebben de banen voor het uitzoeken. Een ander gegeven was het bericht in de toonaangevende krant The Wall Street Journal dat binnen de Amerikaanse centrale bank (FED) er geluiden zijn dat in november nog een forse renteverhoging (0,75%) komt maar dat daarna er in december “slechts” 0,5% zal komen. Er zit een zekere logica in dat beleid. Natuurlijk zijn de inflatiecijfers hoog maar bij de FED zal men zeker de cijfers analyseren. Als we bijvoorbeeld de huizencomponent (huren, rente op hypotheken, etc.) uit de cijfers halen dan is de inflatie plotseling maar 0%. Natuurlijk is de huizencomponent een belangrijk onderdeel wat consumenten moeten betalen maar het vergt weinig verdere uitleg dat gezien de ontwikkeling van de huizenprijzen deze component verder zou kunnen dalen. Het vierde kwartaal is vaak een van de beste voor aandelenbeleggers. Die statistiek lijkt dit jaar ook weer opgeld te kunnen doen.